Start
Kersttoespraak 1949
Kersttoespraak 1980
Kersttoespraak 1996
Kersttoespraak 1997
Kersttoespraak 1998
Kersttoespraak1999
Kersttoespraak 2000
Kersttoespraak 2001
Kersttoespraak 2002
Kersttoespraak 2003
Kersttoespraak 2004
Kersttoespraak 2005
Kersttoespraak 2006
Kersttoespraak 2007
Kersttoespraak 2008
Kersttoespraak 2009
Kersttoespraak 2010
Kersttoespraak 2011
Kersttoespraak 2012
Kersttoespraak 2013
Kersttoespraak 2014
Kersttoespraak 2015
Kersttoespraak 2016
Aankondiging aftreden Koningin Juliana 31 januari 1980
Bekendmaking Aftreden Koningin Beatrix
interview Willem Alexander - Maxima
Toespraak Koningin Beatrix 29 april 2013
Toespraak Koning Willem Alexander

 

 

 

Kersttoespraak van Hare Majesteit de Koningin op Eerste Kerstdag 2006

 

In de duisternis van onze wereld is een licht opgegaan. Dat zien wij in de geboorte van het Kerstkind. God vervult daarin Zijn belofte aan de mensen. Hij doet Zijn woord gestand. In het Kerstfeest vieren we dat het woord van God doorklinkt in donkere tijden en ons wil verlichten als een lamp op onze levensweg. Elke dag ervaren wij de kracht van het woord.

In woorden worden mensen gesterkt en kunnen zij uiting geven aan wat hen bezielt. Dit lijkt vanzelfsprekend. Maar wanneer het vrije woord wordt ontnomen, beseffen wij hoeveel het ons waard is. “Vrij en onverveerd” luidde in de oorlog de zinspreuk. Woorden zijn een wapen tegen onderdrukking en tirannie. In verwoording van geestelijke en politieke vrijheid vinden mensen weerbaarheid. Aan de basis van elke democratie ligt dan ook de vrijheid van meningsuiting als een ieders goed recht. Dit betekent ruimte voor een eigen geluid waarmee uiting mag worden gegeven aan traditie en identiteit, aan opvattingen, overtuiging en geloof. In de loop der tijden is die vrijheid bevochten. In onze dagen krijgen burgers daarvoor veel ruimte -en dat moet ook. Maar wie van die ruimte gebruik maakt, moet wèl beseffen dat anderen dezelfde rechten hebben. Elk woord moet bedacht zijn op een wederwoord. De begrenzing ligt besloten in de wet die regels geeft, gegrond op gelijkwaardigheid en rechten van een ieder.

Naast de algemeen geldende grens die in de wet is vastgelegd, zijn er ook normen van moraal en beschaving. Ze zijn het fundament van een samenleving die uitgaat van eerbied voor de medemens. Een recht om te beledigen bestaat dan ook niet. Evenmin geeft godsdienstvrijheid een vrijbrief om te kwetsen of op te roepen tot haat.

Respect begint met zélfrespect, een geloof in eigenwaarde. Dat wordt vertaald in de omgang met anderen, in gedrag en dialoog. Daarbij moeten wij ons bewust blijven van gevoeligheden die het diepste in mensen kunnen raken. Elkaar daarin ontzien is niet laf maar een teken van beschaving. Vrijheid blijheid geldt niet onbegrensd. Wie anderen beschimpt verliest zelf geloofwaardigheid; het onbeheerste woord schiet zijn doel voorbij. Om te kunnen omgaan met de vrijheid van het woord is respect onontbeerlijk. De grondslag ligt in de oude wijsheid: “Wat gij niet wilt dat u geschiedt, doet dat ook een ander niet!“

Behandel een ander zoals u zélf bejegend wilt worden! In de praktijk van het leven is dit geen eenvoudige opgave. Wie vanuit een eigen visie de dialoog aangaat, moet beseffen dat anderen hún opvattingen hebben. Botsende meningen roepen spanningen op, maar een open discussie en een vrij debat mogen we niet uit de weg gaan. Als reacties heftig zijn, is het soms moeilijk open te blijven staan voor elkaars argumenten en te voorkomen dat het gesprek ontaardt in monologen. Niemand kan nu eenmaal zijn eigen overtuiging opleggen aan een ander. Tolerantie begint met de erkenning dat iemands waarheid nooit voor iedereen dé waarheid kan zijn. Iedere gemeenschap kent onenigheid en zal ook regels moeten stellen om woordenwisseling in de hand te houden. Democratie vergt een cultuur die ruimte biedt voor vrije meningsuiting èn redetwisten. Maar om spanningen te beheersen is inspanning vereist en bereidheid met elkaars opvattingen rekening te houden. Het is niet nodig beweegredenen van een ander te begrijpen om toch begrip op te brengen voor de ernst waarmee gevoelens worden beleefd. Door de eeuwen heen is ons land er gelukkig meestal in geslaagd met tegenstellingen zo om te gaan dat de lieve vrede werd bewaard.

Die vrede wordt gewaarborgd in het recht en de moraal, die de grondslag vormen voor vrijheid en integriteit in onze samenleving. Naast dit publieke domein is er een privé domein. Daarin is ruimte voor mensen om hun persoonlijk leven vorm te geven in eigen identiteit, vrienden en een vertrouwde omgeving. Velen voelen zich daarenboven betrokken bij wat hun heilig is: geloof of levensbeschouwing die het alledaagse overstijgt. In dit innerlijk domein, dat kostbaar is en kwetsbaar, moeten wij elkaar over en weer in waarde laten. Dat betekent niet een vrijblijvend gedogen van andersdenkenden of onverschillig langs elkaar heen leven, maar het aanvaarden van ieder mens, ook al denkt die anders. Wat telkens opnieuw van ons wordt gevraagd is een oprechte zoektocht naar een open en verdraagzame samenleving waarin de vrede en het vrije woord elkaar vinden.

Aan het begin van geloof staat het woord. In het Kerstfeest ervaren mensen dit als een blijde boodschap: het woord wordt waarheid. Hoe dat ook beleefd mag worden, waar het op aan komt is in onze gedachten en daden wéérklank te geven aan dat woord. Moge de bezinning van Kerstmis ons hierin bezielen.

Ik wens u allen gezegende Kerstdagen toe.

25 december 2006

 

 
 

| Kerstevangelie  | Kerstfoto | Kerstkindje | Kerstkribbe  |  Kersttoespraak | Kerstzang |